» Blogs, Downloads
» Onderwijsontwikkeling

»

Overgang van vo naar vervolgonderwijs in kaart gebracht

Hoe is het gesteld met de kennis en vaardigheden van de instromende studenten? Taalvaardigheid behoeft aandacht en daarnaast zijn executieve competenties zoals Kritisch denken, Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden ondermaats.

De wensen van het vervolgonderwijs

BETREFFENDE KENNIS EN VAARDIGHEDEN VAN GESLAAGDEN UIT HET VOORTGEZET ONDERWIJS

Begin 2022 start de actualisatie van de examenprogramma’s Nederlands, moderne vreemde talen, wiskunde, natuurwetenschappelijke vakken en maatschappijleer. Hiervoor heeft het ministerie van OCW opdracht gegeven aan SLO. De landelijk vastgelegde kerndoelen en examenprogramma’s zijn niet meer actueel. De huidige kerndoelen zijn vastgesteld in 2006 en bij de examenprogramma’s variëren ze per vakgebied.

Kerndoelen gelden als opdracht aan de school en beschrijven waar leerlingen mee in aanraking moeten komen, welke inspanning er van hen wordt verwacht met het oog op kennis en vaardigheden en wat ze uiteindelijk moeten beheersen. Leerdoelen zijn in de bovenbouw vastgelegd in examenprogramma’s per vak, per schoolsoort en leerweg. Een examenprogramma is een geheel aan eindtermen. In het examenprogramma is ook vastgelegd welke eindtermen deel uitmaken van het centraal examen of van het schoolexamen.

Een van de uitgangspunten voor dit actualisatie traject is het creëren van doorlopende leerlijnen richting het vervolgonderwijs. Betrokkenheid van het vervolgonderwijs is dus essentieel. SLO en het ministerie van OCW hebben daarom ResearchNed opdracht gegeven om te onderzoeken wat de wensen en behoeften van het vervolgonderwijs zijn ten aanzien van de kennis en vaardigheden waarmee geslaagden uit het vmbo, havo en vwo instromen. Het onderzoek is gedaan in samenwerking met de MBO Raad, Vereniging Hogescholen en VSNU. Onderwijscommunity heeft voor dit artikel de samenvatting van het RearchNed rapport ‘Verkenning vervolgonderwijs’  grotendeels overgenomen. 

Voor het onderzoek zijn twee doelen geformuleerd:

  1. Het vaststellen van de wensen van het vervolgonderwijs betreffende kennis en vaardigheden waarover studenten idealiter dienen te beschikken aan de start van de verschillende opleidingen en/of domeinen van het hoger onderwijs.
  2. Identificatie van die knelpunten op gebied van aansluiting tussen voortgezet onderwijs en vervolgonderwijs, die door middel van een landelijke actualisatie van de eindexamenprogramma’s kunnen worden aangepakt.

Beschouwen we globaal de tweedeling in kennis en vaardigheden zoals geformuleerd in de onderzoeksopdracht, dan lijkt kennis in dit onderzoek nauwelijks een issue te zijn in de aansluiting van voortgezet naar vervolgonderwijs. Als verbeterpunt komt het relatief weinig voor, en in wo en zeker hbo komt basiskennis juist als sterk punt van de instromers naar voren.

Verbeterpunten zijn er wel op het vlak van competenties. In de eerste plaats is dat Taalvaardigheid in het leergebied Nederlands. Daarnaast liggen verbeterpunten sterk in de executieve competenties zoals Kritischdenken, Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden, die bovendien door de opleiders sterk worden beschouwd als leergebied- of vakoverstijgend.

Theoretisch kader, competenties en leergebieden

Het onderzoek is uitgevoerd in de volle breedte van het vervolgonderwijs en is daarmee uniek. In totaal deden 1.215 docenten, studieadviseurs, aansluitcoördinatoren en studieloopbaanbegeleiders uit het mbo, hbo en wo mee aan het onderzoek. De respondenten hebben samen 3.148 verbeterpunten geformuleerd en 2.170 sterke punten.

Voor het volledig en herkenbaar inventariseren van verbeterpunten en sterke punten van leerlingen uit het vo is in dit project eerst een theoretisch kader ontwikkeld. Op basis van bestaande modellen, indelingen en definities is enerzijds een zo omvattend mogelijk overzicht opgesteld van 23 competenties: de typen kennis, vaardigheden en attitudes waar verbeterpunten betrekking op kunnen hebben.

Anderzijds is een overzicht opgesteld van 11 leergebieden, en daarbinnen van afzonderlijke vakken en thema’s, waar de verbeterpunten betrekking op kunnen hebben. De competenties en leergebieden vormen de twee dimensies in dit onderzoek waar alle gevonden verbeterpunten tegen afgezet kunnen worden.

Input studenten en reflectiepannel

Aanvullend op de survey onder opleiders zijn ook de oordelen van studenten zelf over de aansluiting van vo naar vervolgonderwijs in kaart gebracht door een serie secundaire analyses uit te voeren op bestaande databronnen, namelijk de Vo-Monitor en de Startmonitor.

Het valt op dat in de geraadpleegde databronnen de ervaringen van studenten in groot contrast kunnen staan met die van de opleiders. Studenten beoordelen de aansluiting het positiefst wat betreft Taalvaardigheid en Zelfstandig werken, waar opleiders dit juist als belangrijkste verbeterpunt aanduiden.

Omgekeerd rapporteren studenten vaak aansluitingsproblemen op het gebied van Digitale vaardigheden, waar opleiders dit weer als sterk punt zien.

Het onderzoek is afgerond met drie reflectiepanels bestaande uit vertegenwoordigers en experts afkomstig uit de verschillende onderwijstypes in voortgezet en vervolgonderwijs. Met hen is een eerste verkenning uitgevoerd naar de herkenbaarheid van de onderzoeksresultaten en mogelijkheden om daar in het vo een vervolg aan te geven.

Verbeterpunten: competenties

De competentie waar de meeste verbeterpunten mee te maken hebben, namelijk ruim vier op de tien, is Kritisch denken. Ook andere executieve competenties zoals Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden scoren hoog. Op de tweede plaats komt Taalvaardigheden als verbeterpunt naar voren: een derde van alle verbeterpunten in het vo heeft hier betrekking op. Met Algemene of Vakinhoudelijke kennis hebben de verbeterpunten minder te maken.

In het mbo zijn, vergeleken met de andere twee onderwijstypen, Zelfstandig werken, Zelfregulering, Studievaardigheden, Plannen, Ondernemendheid, Samenwerken en Rekenvaardigheden relatief vaak een aandachtspunt. In het wo zijn Taalvaardigheden nog vaker dan in mbo en hbo een verbeterpunt, maar Zelfstandig werken, Studievaardigheden en Plannen juist minder vaak. Het beeld in het hbo houdt vaak het midden tussen dat in mbo en wo.

Een aantal competenties kent subcategorieën die in kaart zijn gebracht. Binnen de belangrijke competentie Taalvaardigheden gaat het in het mbo vooral om schrijven én lezen als verbeterpunten. In het hbo en zeker in het wo gaat het in de eerste plaats om schrijven, en komt lezen op de tweede plaats – maar altijd ruim voor spreken of luisteren.

Verbeterpunten: leergebieden

Van de elf leergebieden is Nederlands veruit het vaakst van toepassing op de verbeterpunten in alle drie de onderwijstypen. Verder vallen in het mbo de Beroepsgerichte vakken en Rekenen en wiskunde op als verbeterpunt, en in het wo het leergebied Engels en andere moderne vreemde talen.

Minstens zo belangrijk echter is de conclusie dat bijna de helft van alle verbeterpunten volgens de respondenten niét aan een bepaald leergebied is toe te wijzen. Met andere woorden, een zeer groot deel van de verbeterpunten in mbo, hbo en wo is leergebied- of vakoverstijgend.

Wat betreft specifieke vakken en thema’s bínnen de leergebieden gaat het in het wo bij Engels en andere moderne talen vooral om Engels, en veel minder om Frans, Duits of andere talen. Binnen het leergebied Rekenen en wiskunde gaat het in het mbo het meest om verhoudingen, breuken, procenten en decimale getallen (en minder om algebra en analyse en statistiek, wat bijvoorbeeld in het wo meer een aandachtspunt is).

De verbeterpunten zijn ook uitsplitst naar sectoren en tevens zijn de snijpunten van competenties en leergebieden in kaart gebracht. Voor alle data, diagrammen zie het hele rapport van ResearchNed.

Sterke digitale vaardigheden en motivatie

Ook naar de sterke punten van startende studenten is gevraagd. Deze sterke punten zijn in de enquête niet gerubriceerd naar competenties en leergebieden. Vaak genoemde sterke punten in alle drie de onderwijstypen zijn digitale vaardigheden en de motivatie van studenten.

In het mbo is daarnaast enthousiasme een nog vaker toegekend sterk punt, en ook zijn studenten volgens de opleiders sociaal vaardig, met een open houding, leergierig en keuzecompetent. In het hbo is basiskennis het vaakst genoemde sterke punt van de havisten, waarmee wordt bedoeld dat de eerstejaars starten met de juiste basiskennis in een of meer specifieke vakken. Daarnaast zijn digitale vaardigheden, samenwerken, leergierig, gemotiveerd, sociaal vaardig en gemotiveerd gewaardeerde aspecten. In het wo is basiskennis eveneens een sterk punt van de vwo’ers, maar nog vaker presenteren en samenwerken. Verder zijn ook assertief, gemotiveerd, digitale vaardigheden, nieuwsgierig en leergierig pluspunten van de eerstejaars uit het vwo.

Reflectiepanels

SLO gebruikt de uitkomsten de komende jaren onder meer als bron bij de actualisatie van de examenprogramma’s voor het voortgezet onderwijs. Daarbij zijn doorlopende leerlijnen tussen voortgezet onderwijs en vervolgonderwijs een belangrijk aandachtspunt.

De docenten, beleidsmakers en experts in de panels voor vmbo-mbo, havo-hbo en vwo-wo vonden de resultaten uit de opleidersenquête in de eerste plaats herkenbaar. Daarbij lijkt er weinig behoefte om aan specifieke verbeterpunten meer urgentie toe te kennen dan aan andere. Wel vraagt men in het vmbo-mbo-panel om uitkomsten zorgvuldig te onderscheiden naar leerwegen en niveaus.

In de panels wordt breed de mening gedeeld, dat de gevraagde aandacht voor de executieve competenties niet kan worden aangepakt met een apart vak daarvoor, en Taalvaardigheid niet alleen in het vak Nederlands. De vakoverstijgende competenties en Taalvaardigheid kunnen volgens hen niet los worden gekoppeld van inhoud. Die koppeling kan wel tot stand komen door enerzijds Taalvaardigheid en executieve competenties in alle vakken te integreren. Anderzijds wil men deze integratie tot stand brengen in vakoverstijgende projecten en opdrachten, maar daarvoor ontbreekt op dit moment de (vrije) ruimte in de programma’s.

Waartoe leidt het vo op?

In alle onderwijstypen wordt ook gevraagd om meer duidelijkheid over waar het vo precies toe opleidt: wat mag het vervolgonderwijs precies wel en niet verwachten van de instromende studenten? Veel competenties zijn nog niet ‘af’ aan het einde van vmbo, havo en vwo. Het gaat om jonge mensen die zich in het vervolgonderwijs nog verder moeten ontwikkelen. Er blijkt uit de panels een grote bereidheid vanuit voortgezet en vervolgonderwijs voor meer afstemming en samenwerking om deze duidelijkheid in vo eindniveau te realiseren en de wederzijdse inspanningen in het onderwijs daar nog beter op af te stemmen.

Eindconclusie

Beschouwen we globaal de tweedeling in kennis en vaardigheden zoals geformuleerd in de onderzoeksopdracht, dan lijkt kennis in dit onderzoek nauwelijks een issue te zijn in de aansluiting van voortgezet naar vervolgonderwijs. Als verbeterpunt komt het relatief weinig voor, en in wo en zeker hbo komt basiskennis juist als sterk punt van de instromers naar voren.
Verbeterpunten zijn er wel op het vlak van competenties.

  • In de eerste plaats is dat Taalvaardigheid in het leergebied Nederlands.
  • Daarnaast liggen verbeterpunten sterk in de executieve competenties zoals Kritisch denken, Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden, die bovendien door de opleiders sterk worden beschouwd als leergebied- of vakoverstijgend.

Het valt op dat in de geraadpleegde databronnen de ervaringen van studenten in groot contrast kunnen staan met die van de opleiders. Studenten beoordelen de aansluiting het positiefst wat betreft Taalvaardigheid en Zelfstandig werken, waar opleiders dit juist als belangrijkste verbeterpunt aanduiden.

Omgekeerd rapporteren studenten vaak aansluitingsproblemen op het gebied van Digitale vaardigheden, waar opleiders dit weer als sterk punt zien.


ResearchNed Onderzoek December 2021,
in opdracht van SLO en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap door Jules Warps, Marieke de Visser, Josien Lodewick, Tessa Termorshuizen,

Zie ook SLO, Vervolgonderwijs: versterk competenties van instromende leerlingen

Over de Survey

In het voorjaar van 2021 zijn in dit onderzoek oordelen verzameld onder 1.215 docenten, studieadviseurs, aansluitingscoördinatoren en studieloopbaanbegeleiders, die betrokken zijn bij het onderwijs aan studenten in het mbo, hbo en wo. Het gaat om 397 respondenten in het mbo, 537 in het hbo en 281 in het wo.
Ongeveer negen op de tien respondenten geeft zelf onderwijs, maar in het wo is dit aandeel wat lager (drie kwart). In een survey hebben de respondenten aangegeven wat in hun ogen de sterke punten en vooral de verbeterpunten van eerstejaars zijn, die in het voortgezet onderwijs aangepakt zouden kunnen worden.

De survey is opgezet volgens de zogenoemde mass qualitative methode. Dat wil zeggen dat respondenten eerst volledig vrij en ongestuurd is gevraagd wat volgens hen belangrijke verbeterpunten zijn. Vervolgens hebben zij hun verbeterpunten zelf gerubriceerd, door aan te geven met welke van de competenties hun beschrijvingen te maken hebben, en met welke leergebieden en vakken. In totaal hebben de respondenten samen 3.148 verbeterpunten geformuleerd en gerubriceerd. Van deze verbeterpunten is dus niet alleen de oorspronkelijke beschrijving bekend, maar ook kunnen we hierover kwantitatief rapporteren door aan te geven hoeveel verbeterpunten te maken hebben met welke competenties en met welke leergebieden.

Tags: , , , ,
Je moet inloggen om een reactie te kunnen plaatsen.

Ook interessant

Community Leden

Alle Leden >>>

Whitepaper arbeidsmarkt

Whitepaper onderwijs arbeidsmarkt

Whitepaper digitale toepassing didactiek

didactiek download

Whitepaper HR

HR download onderwijs

Whitepaper Hybride leeromgeving

Leeromgeving download

Whitepaper maatschappij

Maatschappij onderwijs download

Whitepaper onderwijsontwikkeling

onderwijsontwikkeling download

Whitepaper effectief afstandsonderwijs

Onderwijs organiseren download

Whitepaper professionalisering

onderwijs professionalisering download

Whitepaper Docent de dupe van technologie

Onderwijs Technologie download

Onderwijs Innovatie Festival

Registreer je als lid

Log In

Word Gratis Lid

Word lid

Met Onderwijscommunity maken we het werkveld iedere dag een stukje beter en mooier. Meld je gratis aan als lid, maak verbinding, haal én breng kennis, maak je eigen ledenprofiel, connect met andere leden en meer.

Publiceer

Heb je een uniek en interessant artikel geschreven en denk je dat deze interessant kan zijn voor de leden van Onderwijscommunity? Stuur deze dan in via het formulier en wij gaan er mee aan de slag.

Advertentie

In de spotlight

Vacature

Boek

Kalender

App

De wensen van het vervolgonderwijs

BETREFFENDE KENNIS EN VAARDIGHEDEN VAN GESLAAGDEN UIT HET VOORTGEZET ONDERWIJS

Begin 2022 start de actualisatie van de examenprogramma’s Nederlands, moderne vreemde talen, wiskunde, natuurwetenschappelijke vakken en maatschappijleer. Hiervoor heeft het ministerie van OCW opdracht gegeven aan SLO. De landelijk vastgelegde kerndoelen en examenprogramma’s zijn niet meer actueel. De huidige kerndoelen zijn vastgesteld in 2006 en bij de examenprogramma’s variëren ze per vakgebied.

Kerndoelen gelden als opdracht aan de school en beschrijven waar leerlingen mee in aanraking moeten komen, welke inspanning er van hen wordt verwacht met het oog op kennis en vaardigheden en wat ze uiteindelijk moeten beheersen. Leerdoelen zijn in de bovenbouw vastgelegd in examenprogramma’s per vak, per schoolsoort en leerweg. Een examenprogramma is een geheel aan eindtermen. In het examenprogramma is ook vastgelegd welke eindtermen deel uitmaken van het centraal examen of van het schoolexamen.

Een van de uitgangspunten voor dit actualisatie traject is het creëren van doorlopende leerlijnen richting het vervolgonderwijs. Betrokkenheid van het vervolgonderwijs is dus essentieel. SLO en het ministerie van OCW hebben daarom ResearchNed opdracht gegeven om te onderzoeken wat de wensen en behoeften van het vervolgonderwijs zijn ten aanzien van de kennis en vaardigheden waarmee geslaagden uit het vmbo, havo en vwo instromen. Het onderzoek is gedaan in samenwerking met de MBO Raad, Vereniging Hogescholen en VSNU. Onderwijscommunity heeft voor dit artikel de samenvatting van het RearchNed rapport ‘Verkenning vervolgonderwijs’  grotendeels overgenomen. 

Voor het onderzoek zijn twee doelen geformuleerd:

  1. Het vaststellen van de wensen van het vervolgonderwijs betreffende kennis en vaardigheden waarover studenten idealiter dienen te beschikken aan de start van de verschillende opleidingen en/of domeinen van het hoger onderwijs.
  2. Identificatie van die knelpunten op gebied van aansluiting tussen voortgezet onderwijs en vervolgonderwijs, die door middel van een landelijke actualisatie van de eindexamenprogramma’s kunnen worden aangepakt.

Beschouwen we globaal de tweedeling in kennis en vaardigheden zoals geformuleerd in de onderzoeksopdracht, dan lijkt kennis in dit onderzoek nauwelijks een issue te zijn in de aansluiting van voortgezet naar vervolgonderwijs. Als verbeterpunt komt het relatief weinig voor, en in wo en zeker hbo komt basiskennis juist als sterk punt van de instromers naar voren.

Verbeterpunten zijn er wel op het vlak van competenties. In de eerste plaats is dat Taalvaardigheid in het leergebied Nederlands. Daarnaast liggen verbeterpunten sterk in de executieve competenties zoals Kritischdenken, Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden, die bovendien door de opleiders sterk worden beschouwd als leergebied- of vakoverstijgend.

Theoretisch kader, competenties en leergebieden

Het onderzoek is uitgevoerd in de volle breedte van het vervolgonderwijs en is daarmee uniek. In totaal deden 1.215 docenten, studieadviseurs, aansluitcoördinatoren en studieloopbaanbegeleiders uit het mbo, hbo en wo mee aan het onderzoek. De respondenten hebben samen 3.148 verbeterpunten geformuleerd en 2.170 sterke punten.

Voor het volledig en herkenbaar inventariseren van verbeterpunten en sterke punten van leerlingen uit het vo is in dit project eerst een theoretisch kader ontwikkeld. Op basis van bestaande modellen, indelingen en definities is enerzijds een zo omvattend mogelijk overzicht opgesteld van 23 competenties: de typen kennis, vaardigheden en attitudes waar verbeterpunten betrekking op kunnen hebben.

Anderzijds is een overzicht opgesteld van 11 leergebieden, en daarbinnen van afzonderlijke vakken en thema’s, waar de verbeterpunten betrekking op kunnen hebben. De competenties en leergebieden vormen de twee dimensies in dit onderzoek waar alle gevonden verbeterpunten tegen afgezet kunnen worden.

Input studenten en reflectiepannel

Aanvullend op de survey onder opleiders zijn ook de oordelen van studenten zelf over de aansluiting van vo naar vervolgonderwijs in kaart gebracht door een serie secundaire analyses uit te voeren op bestaande databronnen, namelijk de Vo-Monitor en de Startmonitor.

Het valt op dat in de geraadpleegde databronnen de ervaringen van studenten in groot contrast kunnen staan met die van de opleiders. Studenten beoordelen de aansluiting het positiefst wat betreft Taalvaardigheid en Zelfstandig werken, waar opleiders dit juist als belangrijkste verbeterpunt aanduiden.

Omgekeerd rapporteren studenten vaak aansluitingsproblemen op het gebied van Digitale vaardigheden, waar opleiders dit weer als sterk punt zien.

Het onderzoek is afgerond met drie reflectiepanels bestaande uit vertegenwoordigers en experts afkomstig uit de verschillende onderwijstypes in voortgezet en vervolgonderwijs. Met hen is een eerste verkenning uitgevoerd naar de herkenbaarheid van de onderzoeksresultaten en mogelijkheden om daar in het vo een vervolg aan te geven.

Verbeterpunten: competenties

De competentie waar de meeste verbeterpunten mee te maken hebben, namelijk ruim vier op de tien, is Kritisch denken. Ook andere executieve competenties zoals Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden scoren hoog. Op de tweede plaats komt Taalvaardigheden als verbeterpunt naar voren: een derde van alle verbeterpunten in het vo heeft hier betrekking op. Met Algemene of Vakinhoudelijke kennis hebben de verbeterpunten minder te maken.

In het mbo zijn, vergeleken met de andere twee onderwijstypen, Zelfstandig werken, Zelfregulering, Studievaardigheden, Plannen, Ondernemendheid, Samenwerken en Rekenvaardigheden relatief vaak een aandachtspunt. In het wo zijn Taalvaardigheden nog vaker dan in mbo en hbo een verbeterpunt, maar Zelfstandig werken, Studievaardigheden en Plannen juist minder vaak. Het beeld in het hbo houdt vaak het midden tussen dat in mbo en wo.

Een aantal competenties kent subcategorieën die in kaart zijn gebracht. Binnen de belangrijke competentie Taalvaardigheden gaat het in het mbo vooral om schrijven én lezen als verbeterpunten. In het hbo en zeker in het wo gaat het in de eerste plaats om schrijven, en komt lezen op de tweede plaats – maar altijd ruim voor spreken of luisteren.

Verbeterpunten: leergebieden

Van de elf leergebieden is Nederlands veruit het vaakst van toepassing op de verbeterpunten in alle drie de onderwijstypen. Verder vallen in het mbo de Beroepsgerichte vakken en Rekenen en wiskunde op als verbeterpunt, en in het wo het leergebied Engels en andere moderne vreemde talen.

Minstens zo belangrijk echter is de conclusie dat bijna de helft van alle verbeterpunten volgens de respondenten niét aan een bepaald leergebied is toe te wijzen. Met andere woorden, een zeer groot deel van de verbeterpunten in mbo, hbo en wo is leergebied- of vakoverstijgend.

Wat betreft specifieke vakken en thema’s bínnen de leergebieden gaat het in het wo bij Engels en andere moderne talen vooral om Engels, en veel minder om Frans, Duits of andere talen. Binnen het leergebied Rekenen en wiskunde gaat het in het mbo het meest om verhoudingen, breuken, procenten en decimale getallen (en minder om algebra en analyse en statistiek, wat bijvoorbeeld in het wo meer een aandachtspunt is).

De verbeterpunten zijn ook uitsplitst naar sectoren en tevens zijn de snijpunten van competenties en leergebieden in kaart gebracht. Voor alle data, diagrammen zie het hele rapport van ResearchNed.

Sterke digitale vaardigheden en motivatie

Ook naar de sterke punten van startende studenten is gevraagd. Deze sterke punten zijn in de enquête niet gerubriceerd naar competenties en leergebieden. Vaak genoemde sterke punten in alle drie de onderwijstypen zijn digitale vaardigheden en de motivatie van studenten.

In het mbo is daarnaast enthousiasme een nog vaker toegekend sterk punt, en ook zijn studenten volgens de opleiders sociaal vaardig, met een open houding, leergierig en keuzecompetent. In het hbo is basiskennis het vaakst genoemde sterke punt van de havisten, waarmee wordt bedoeld dat de eerstejaars starten met de juiste basiskennis in een of meer specifieke vakken. Daarnaast zijn digitale vaardigheden, samenwerken, leergierig, gemotiveerd, sociaal vaardig en gemotiveerd gewaardeerde aspecten. In het wo is basiskennis eveneens een sterk punt van de vwo’ers, maar nog vaker presenteren en samenwerken. Verder zijn ook assertief, gemotiveerd, digitale vaardigheden, nieuwsgierig en leergierig pluspunten van de eerstejaars uit het vwo.

Reflectiepanels

SLO gebruikt de uitkomsten de komende jaren onder meer als bron bij de actualisatie van de examenprogramma’s voor het voortgezet onderwijs. Daarbij zijn doorlopende leerlijnen tussen voortgezet onderwijs en vervolgonderwijs een belangrijk aandachtspunt.

De docenten, beleidsmakers en experts in de panels voor vmbo-mbo, havo-hbo en vwo-wo vonden de resultaten uit de opleidersenquête in de eerste plaats herkenbaar. Daarbij lijkt er weinig behoefte om aan specifieke verbeterpunten meer urgentie toe te kennen dan aan andere. Wel vraagt men in het vmbo-mbo-panel om uitkomsten zorgvuldig te onderscheiden naar leerwegen en niveaus.

In de panels wordt breed de mening gedeeld, dat de gevraagde aandacht voor de executieve competenties niet kan worden aangepakt met een apart vak daarvoor, en Taalvaardigheid niet alleen in het vak Nederlands. De vakoverstijgende competenties en Taalvaardigheid kunnen volgens hen niet los worden gekoppeld van inhoud. Die koppeling kan wel tot stand komen door enerzijds Taalvaardigheid en executieve competenties in alle vakken te integreren. Anderzijds wil men deze integratie tot stand brengen in vakoverstijgende projecten en opdrachten, maar daarvoor ontbreekt op dit moment de (vrije) ruimte in de programma’s.

Waartoe leidt het vo op?

In alle onderwijstypen wordt ook gevraagd om meer duidelijkheid over waar het vo precies toe opleidt: wat mag het vervolgonderwijs precies wel en niet verwachten van de instromende studenten? Veel competenties zijn nog niet ‘af’ aan het einde van vmbo, havo en vwo. Het gaat om jonge mensen die zich in het vervolgonderwijs nog verder moeten ontwikkelen. Er blijkt uit de panels een grote bereidheid vanuit voortgezet en vervolgonderwijs voor meer afstemming en samenwerking om deze duidelijkheid in vo eindniveau te realiseren en de wederzijdse inspanningen in het onderwijs daar nog beter op af te stemmen.

Eindconclusie

Beschouwen we globaal de tweedeling in kennis en vaardigheden zoals geformuleerd in de onderzoeksopdracht, dan lijkt kennis in dit onderzoek nauwelijks een issue te zijn in de aansluiting van voortgezet naar vervolgonderwijs. Als verbeterpunt komt het relatief weinig voor, en in wo en zeker hbo komt basiskennis juist als sterk punt van de instromers naar voren.
Verbeterpunten zijn er wel op het vlak van competenties.

  • In de eerste plaats is dat Taalvaardigheid in het leergebied Nederlands.
  • Daarnaast liggen verbeterpunten sterk in de executieve competenties zoals Kritisch denken, Zelfregulering, Zelfstandig werken en Studievaardigheden, die bovendien door de opleiders sterk worden beschouwd als leergebied- of vakoverstijgend.

Het valt op dat in de geraadpleegde databronnen de ervaringen van studenten in groot contrast kunnen staan met die van de opleiders. Studenten beoordelen de aansluiting het positiefst wat betreft Taalvaardigheid en Zelfstandig werken, waar opleiders dit juist als belangrijkste verbeterpunt aanduiden.

Omgekeerd rapporteren studenten vaak aansluitingsproblemen op het gebied van Digitale vaardigheden, waar opleiders dit weer als sterk punt zien.


ResearchNed Onderzoek December 2021,
in opdracht van SLO en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap door Jules Warps, Marieke de Visser, Josien Lodewick, Tessa Termorshuizen,

Zie ook SLO, Vervolgonderwijs: versterk competenties van instromende leerlingen

Over de Survey

In het voorjaar van 2021 zijn in dit onderzoek oordelen verzameld onder 1.215 docenten, studieadviseurs, aansluitingscoördinatoren en studieloopbaanbegeleiders, die betrokken zijn bij het onderwijs aan studenten in het mbo, hbo en wo. Het gaat om 397 respondenten in het mbo, 537 in het hbo en 281 in het wo.
Ongeveer negen op de tien respondenten geeft zelf onderwijs, maar in het wo is dit aandeel wat lager (drie kwart). In een survey hebben de respondenten aangegeven wat in hun ogen de sterke punten en vooral de verbeterpunten van eerstejaars zijn, die in het voortgezet onderwijs aangepakt zouden kunnen worden.

De survey is opgezet volgens de zogenoemde mass qualitative methode. Dat wil zeggen dat respondenten eerst volledig vrij en ongestuurd is gevraagd wat volgens hen belangrijke verbeterpunten zijn. Vervolgens hebben zij hun verbeterpunten zelf gerubriceerd, door aan te geven met welke van de competenties hun beschrijvingen te maken hebben, en met welke leergebieden en vakken. In totaal hebben de respondenten samen 3.148 verbeterpunten geformuleerd en gerubriceerd. Van deze verbeterpunten is dus niet alleen de oorspronkelijke beschrijving bekend, maar ook kunnen we hierover kwantitatief rapporteren door aan te geven hoeveel verbeterpunten te maken hebben met welke competenties en met welke leergebieden.

Menu