Tags: , , ,

Digitale vaardigheden; lessen uit de lockdown

Door de lockdown(s) konden leraren ervaren hoe het gesteld is met de digitale vaardigheden van leerlingen. SLO en Kennisnet bespraken de opbrengsten van het thuiswerken, toegespitst op de digitale vaardigheden van leerlingen en leraren.

De digitale geletterdheid van leerlingen

Vanaf 16 maart 2020 moesten alle scholen, van basisscholen tot hoger onderwijs, zo goed mogelijk onderwijs op afstand bieden. Hoe lang de schoolsluiting zou duren en wat dat voor de rest van het schooljaar zou betekenen, was ongewis. Hoe houd je contact met je leerlingen, hoe bied je online werk gestructureerd aan, wat doe je met toetsing?

Dat de scholen tijdens de sluiting waardevolle ervaringen met digitale technologie zouden opdoen, was direct duidelijk. Niet alleen de communicatie tussen leraar en leerling moest met digitale middelen vorm krijgen, maar ook het werk van leerlingen ging er anders uitzien: minder op papier, vaker digitaal. Leraren konden daardoor ervaren hoe het gesteld is met de digitale vaardigheden van leerlingen. Wat konden de leerlingen al goed en wat moesten ze nog ontwikkelen? Ook de grote verschillen in digitale vaardigheden tussen leerlingen, al dan niet door verschillen in thuissituatie, werden duidelijk zichtbaar tijdens de periode van afstandsonderwijs.

Praktijkonderzoek naar invloed lockdown op ontwikkeling digitale geletterdheid

SLO en Kennisnet hielden webinars op 23 en 24 juni in 2020. Ze bespraken de opbrengsten van het thuiswerken, toegespitst op de digitale vaardigheden van leerlingen en leraren. Met het oog op de verwachte invoering van het leergebied digitale geletterdheid in het curriculum en de wens van veel scholen om hier werk van te maken, deden ze een praktijkonderzoek over de invloed van de lockdown op de ontwikkeling hiervan.

Het onderzoek moet zicht geven op de ontwikkeling van digitale geletterdheid van leerlingen en de geleerde lessen uit de lockdown in kaart brengen. Dit is fase 1. Verder helpt ons onderzoek deelnemende scholen bij het invoeren van digitale geletterdheid in hun leerplan, in samenwerking met de faculteit educatie van de Hogeschool Leiden. Dat is fase 2.

Dit rapport gaat over de onderzoeksresultaten van fase 1.

Digitale geletterdheid: vier domeinen

Het leergebied digitale geletterdheid bestaat uit vier domeinen:

1. Ict-basisvaardigheden

De kennis en vaardigheden die nodig zijn om de werking van computers en netwerken te begrijpen, om te gaan met verschillende soorten technologieën en de bediening, mogelijkheden en beperkingen van technologie te begrijpen. Het begrip computer wordt hier breed gebruikt: elke technologie met een microprocessor die op basis van ingevoerde gegevens volgens een programma logische handelingen verricht, met als uitvoer bepaalde algoritmes en tijdelijke opslag van gegevens.

2. Mediawijsheid

Kennis, vaardigheden en mentaliteit waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, veranderlijke en fundamenteel gemedialiseerde wereld.

3. Informatievaardigheden

Informatie uit bronnen scherp kunnen formuleren en analyseren, op basis hiervan kritisch en systematisch zoeken, selecteren, verwerken, gebruiken en verwijzen van relevante informatie en deze op bruikbaarheid en betrouwbaarheid beoordelen en evalueren. Het gaat vaak om digitale bronnen.

4. Computational thinking

Problemen procesmatig (her)formuleren zodat ze opgelost kunnen worden met computertechnologie. Het gaat om denkprocessen waarbij probleemformulering, gegevensorganisatie, -analyse en -representatie worden gebruikt voor het oplossen van problemen met ict-technieken en -gereedschappen.

Conclusies en aanbevelingen

Op basis van deze eerste analyse kunnen we de volgende antwoorden op onze onderzoeksvragen formuleren. Ook doen we aanbevelingen om de ervaringen om te zetten in concreet handelen.

1. Welke aspecten van digitale geletterdheid zijn, bewust of onbewust, tijdens de coronaperiode ontwikkeld bij leerlingen volgens onderwijsprofessionals?
Leerlingen hebben tijdens de coronaperiode vooral ict-basisvaardigheden ontwikkeld, zoals het omgaan met beeld- en spraaksoftware (MS Teams, Google Meet, Skype) en het werken in online samenwerkingsomgevingen. Opmerkelijk is dat deze vaardigheden worden genoemd als de meest ontwikkelde vaardigheden én de vaardigheden waaraan het leerlingen het meest ontbreekt. Hoe dan ook is er behoefte aan meer aandacht voor ict-basisvaardigheden van leerlingen. Doordat basisvaardigheden ontbreken, kan het gebeuren dat opdrachten vastlopen op het instrumentarium, waardoor de inhoud niet voldoende aan bod komt.

Aanbeveling: Gebrek aan ict-basisvaardigheden van leerlingen en docenten heeft tijdens de scholensluiting tot problemen geleid. Die problemen bestaan nu nog steeds, maar de scholen die deelnamen aan het onderzoek hebben wel een beter beeld van de benodigde ict-basisvaardigheden dan voorheen. Ook hebben ze het niveau van hun leerlingen scherper in beeld. Net als bij andere basisvaardigheden zoals lezen en schrijven, moeten leerlingen over een basisniveau beschikken om adequaat te functioneren in de schoolsituatie. Het advies aan alle scholen luidt: door nu in kaart te brengen welke basis nodig is voor leerlingen en aan welke vaardigheden dus gewerkt moet worden, kun je een belangrijke stap zetten in de ontwikkeling van digitale geletterdheid van de leerling.

2. Hoe kan de school het geleerde gebruiken om verder te gaan met het onderwijs in digitale geletterdheid van leerling en leraar?
Tijdens de lockdown liepen veel scholen aan tegen problemen met de ict-infrastructuur, zoals een goed functionerende internetverbinding en voldoende devices op school en thuis.

De infrastructuur is in het afgelopen jaar sterk verbeterd. Verder hebben zowel docenten als leerlingen hun ict-basisvaardigheden ontwikkeld, waardoor scholen ook een beter beeld hebben van hoe ze de basis van leerlingen kunnen verstevigen. De combinatie van de verbeterde infrastructuur en het zicht op lacunes in de ontwikkeling van ict-basisvaardigheden, biedt een uitgelezen kans om hier onderwijs over te ontwikkelen en er concreet mee aan de slag te gaan.

Daarnaast zien veel scholen nu ook het belang in van onderwijs in de andere domeinen van digitale geletterdheid, met name mediawijsheid en informatievaardigheden. Omdat het gebruik van digitale media op scholen is toegenomen ten opzichte van de situatie voor de lockdown, ligt het voor de hand om dat als startpunt te gebruiken bij het ontwikkelen van leerlijnen.

Aanbeveling: Hoewel er grote verschillen zijn in hoe leraren zich tot digitale technologie verhouden, is hun zelfvertrouwen in elk geval gegroeid. Leraren zijn zekerder in het werken met devices en digitale toepassingen voor hun onderwijs. Dat biedt natuurlijk kansen: docenten vervullen een voorbeeldfunctie en kunnen hun vaardigheden aan leerlingen leren, omdat ze weten dat een grote groep jonge mensen nog lang niet digitaal vaardig is. Het gaat niet alleen om instrumentele ict-vaardigheden, maar juist ook om digitale etiquette en omgangsvormen.

Belangrijk hierbij is dat de schoolorganisatie dit gedrag wenselijk vindt en er leiding en begeleiding in geeft.

Gelijke kansen

Bij het thuiswerken werden de verschillen tussen leerlingen duidelijk zichtbaar. Van huis uit krijgt niet iedere leerling dezelfde digitale vaardigheden mee. Ook heeft niet iedere leerling beschikking over een device. Als er in het onderwijs geen oog is voor die verschillen, dreigt een toename in de kansenongelijkheid van leerlingen. Denk vooral aan ict-basisvaardigheden: een leerling die niet goed weet hoe een tekstverwerkingsprogramma werkt, is daar tijdens een werkstuk veel tijd aan kwijt. Dat gaat ten koste van het werken aan de inhoud. Deze observatie zou scholen ertoe moeten aanzetten om digitale vaardigheden gedegen en vanaf de basis op school aan te leren, zodat leerlingen hun achterstand begeleid kunnen inlopen.

Aanbeveling: Aansluitend bij de aanbeveling na de eerste onderzoeksvraag, is het van belang om oog te hebben voor leerlingen die over weinig digitale vaardigheden beschikken. Onderwijs gericht op de grootste gemene deler is voor deze leerlingen niet genoeg, zeker omdat het hier gaat om fundamentele vaardigheden die nodig zijn om te kunnen functioneren in de maatschappij.

Daarnaast is tijdens de scholensluiting gebleken dat niet alle leerlingen thuis over voldoende geschikte devices en internettoegang beschikken. Dat is vaak snel en goed opgelost, maar het is van belang om dat te blijven onderhouden en faciliteren. Ook als de scholen weer open zijn.

We raden scholen aan digitale geletterdheid toe te voegen aan beleidsagenda’s voor gelijke kansen. Kinderen moeten goed kunnen lezen en schrijven. Dat is de belangrijkste basis, ook voor digitale geletterdheid. Maar kinderen kunnen evenmin zonder een stevige digitale basis. Prioriteer het tegengaan van digitale ongelijkheid en de bevordering van gelijke kansen.

Executieve functies

Bij de open vragen gingen leraren regelmatig in op andere punten dan digitale geletterdheid. Opvallend vaak worden aspecten genoemd die aansluiten bij de executieve vaardigheden van leerlingen. Voorbeelden hiervan zijn: het huiswerk zelfstandig plannen, gepaste online communicatie, gemotiveerd blijven voor het werk dat ze doen, focus houden tijdens de online uitleg, flexibel kunnen omgaan met veranderingen en overzicht houden. Uit de data-analyse komt ook naar voren dat leerlingen zelfstandigheid en eigen regie ten tijde van afstandsonderwijs als prettig hebben ervaren.

Executieve vaardigheden als flexibiliteit, emotieregulatie, doelgericht gedrag, organisatie management en taakinitiatie lijken verband te houden met het efficiënt inzetten van en leren over digitale geletterdheid. Onderzoek naar deze samenhang kan daar meer inzicht in geven.

Aanbeveling: De uitdagingen waar leerlingen tegenaan lopen bij het omgaan met digitale media en technologie, vragen veel van de executieve vaardigheden van leerlingen.

  • Je werkomgeving ordenen zodat je overzicht houdt over je taken.
  • Je tijd functioneel indelen.
  • Hoe houd je je aandacht bij de les, terwijl overal om je heen verleidingen zijn?

Deze uitdagingen worden dankzij de inzet van technologie beter zichtbaar. Over het ondersteunen van leerlingen tijdens de ontwikkeling van executieve functies is al veel bekend. Gezien toekomstige varianten van blended learning en flexibel onderwijs, is het belangrijk om de relatie tussen executieve vaardigheden en online onderwijs nader te onderzoeken, zodat we leerlingen beter begrijpen en kunnen ondersteunen.

Vervolg

Aan de hand van de interviews worden de betrokken scholen uitgenodigd om verder te werken in een tweede fase van dit praktijkonderzoek. Hiervoor worden scholen met gelijksoortige hulpvragen aan elkaar gekoppeld en worden ze via masterclasses en peer learning ondersteund bij de verdere invoering van digitale geletterdheid op hun scholen. Tegelijkertijd wordt onderzocht welke middelen scholen nodig hebben om digitale geletterdheid verder te implementeren in het onderwijs.

Bekijk het document

Tags: , , ,
Je moet inloggen om een reactie te kunnen plaatsen.

Ook interessant

Word lid

Met Onderwijscommunity maken we het werkveld iedere dag een stukje beter en mooier. Meld je gratis aan als lid, maak verbinding, haal én breng kennis, maak je eigen ledenprofiel, connect met andere leden en meer.

Registreer je hier

Publiceer

Heb je een uniek en interessant artikel geschreven en denk je dat deze interessant kan zijn voor de leden van Onderwijscommunity? Stuur deze dan in via het formulier en wij gaan er mee aan de slag.

Artikel indienen

In de spotlight

Vacature

Boek

Opleiding

App

Menu