Tags: , , ,

Zelfsturend leren en zelfregulatie; een wereld te winnen

Door je leerlingen metacognitieve vaardigheden aan te leren, werken ze zelfstandiger en beter. Zelfsturend leren vergt veel inbreng van de leerkracht. Het is goed om er in de vroege basisschoolleeftijd mee te beginnen. Hoe stimuleer je zelfsturend leren en zelfregulatie? En wat is het verschil?

Zelfregulatie al op vroege leeftijd bijbrengen

Onlangs liet een studie aan de universiteiten van Mainz en Zurich zien hoeveel leerwinst te behalen is door kinderen in de basisschoolleeftijd zelfregulerend leren bij te brengen. Zelfregulering, d.w.z. het vermogen om aandacht, emoties en impulsen te beheersen en met volharding individuele doelen na te streven, is geen vaardigheid die wij gewoonlijk met jonge kinderen associëren.

“Onze studie heeft aangetoond hoe de training van deze vaardigheid al vroeg expliciet kan worden ingebed in het basisonderwijs. Een toename van de zelfregulering stelt kinderen in staat meer verantwoordelijkheid voor hun eigen leren op zich te nemen en zelfstandig doelen te stellen en daar naartoe te werken”, aldus Ernst Fehr, hoogleraar aan het departement economie van de universiteit van Zürich. In het basisonderwijs komt zelfsturend leren echter nauwelijks op gang. Leerkrachten laten het doorgaans na om hun leerlingen strategieën voor zelfsturend leren aan te leren, omdat leerkrachten vaak niet weten hoe ze dat moeten doen.

Zelfregulatie als ontwikkelingsproces

Zelfregulatie: actief en constructief proces waarbij leerlingen zelf doelstellingen leren bepalen, zelf initiatief nemen & zelf verantwoordelijkheid leren nemen voor eigen leerproces (Zimmerman, 2002).  Ook wel: bewust of onbewust gedragskeuzes maken die het leren kunnen ondersteunen. Zelfregulatie omvat veel domeinen, zoals van tevoren nadenken over een taak, plannen van werk, motivatie, leerstrategieën toepassen en achteraf een opdracht evalueren.

Zelfregulatie gaat dus om een ontwikkelingsproces. Van ontwikkeling kan pas sprake zijn als we met de lerende actief eraan werken, als we met de lerende gezamenlijk dit stap voor stap doen. Het is een misverstand te denken dat het vanzelf gaat. Vaak worden leerlingen aan hun lot overgelaten als het gaat om het ‘hoe’ van leren: ze moeten grotendeels zelf uitzoeken hoe ze moeten en kunnen leren. De ene leerling zal dit beter lukken dan de ander. Het gevolg: leerlingen leren wel, maar vaak niet optimaal.

Leerstrategieën

Door het aanleren, trainen en stimuleren van leerstrategieën kun je bijna alle leerlingen helpen het beste uit zichzelf te halen, of ze nu goed, gemiddeld of zwak presteren. Een adequate inzet van leerstrategieën helpt leerlingen bovendien zelfregulerend leren. Leerstrategieën dragen daarmee bij aan het vermogen van leerlingen om sturing te geven aan hun eigen leerproces en zichzelf hiervoor te motiveren.

Zelfregulatie kan in drie hoofdcategorieën worden onderverdeeld:

  1. Cognitie – het mentale proces van weten, begrijpen en leren; het onthouden van informatie en het integreren van nieuwe informatie bij bestaande kennis in het geheugen.
  2. Metacognitie – vaak omschreven als ‘leren leren’; plannen, monitoren (tijdens een taak de voortgang bewaken) en evalueren.
  3. Motivatie – de bereidheid om onze (meta)cognitieve vaardigheden in te zetten en doorzettingsvermogen te tonen.

Hoe stimuleer je zelfregulatie?

Zimmerman (2000) onderscheidt 4 ontwikkelingsniveaus: observeren, nastreven, zelfbeheersing & zelfregulatie. Zelfregulatie kan gestimuleerd worden:

  • door modelleren & scaffolding (ook wel passende ondersteuning genoemd: stap voor stap steun minderen);
  • door mogelijkheid te bieden van voldoende complexe & betekenisvolle taken;
  • door voldoende zelfstandigheid aan de lerende te bieden;
  • door coöperatief leren te stimuleren;
  • door aandacht te hebben voor reflectie.

Het model, ontwikkeld door Boekaerts (1999), toont de gelaagdheid van zelfregulatie aan.

  1. De buitenste laag staat voor de regulatie van het ‘zelf’: de mate waarbij de lerende keuze krijgt in het stellen van leerdoelen en de manier van leren.
  2. De middelste laag staat voor regulatie van het ‘leerproces’ en de mogelijkheid voor de lerende om leren te sturen.
  3. De kern van het model verwijst naar regulatie van ‘gebruik van het proces’: het kiezen van cognitieve strategieën. Deze kern kan pas bereikt worden wanneer de lerende zich de andere lagen heeft eigen gemaakt.

Bij metacognitie en zelfregulatie gaat het erom dat leerlingen hun eigen leerstrategieën monitoren en evalueren. De volgende elementen lijken onmisbaar te zijn voor een succesvolle aanpak:

  • Een expliciete uitleg van strategieën voor metacognitie;
  • Leraren leggen aan de hand van hun eigen denkproces uit hoe metacognitie werkt (modelling);
  • Leerlingen krijgen de gelegenheid om te reflecteren op hun sterke en zwakke punten en deze te monitoren, en om te bedenken hoe ze moeilijkheden kunnen overwinnen;
  • Leerlingen krijgen genoeg uitdagingen aangeboden om effectieve strategieën ontwikkelen. Het mag niet zo moeilijk worden dat ze het lastig vinden om een strategie toe te passen.
  • Aanpakken die gericht zijn op metacognitie en zelfregulatie zijn het meest effectief wanneer ze in het lesprogramma van een school en voor verschillende vakken zijn geïntegreerd. Uitleggen hoe je metacognitieve strategieën inzet is bijvoorbeeld anders voor leerlingen die een geschiedenisopstel moeten schrijven dan voor leerlingen die een wiskundeprobleem moeten oplossen.

Zelfsturing

Zelfsturing: proces waarin individuen het initiatief nemen, met of zonder de hulp van anderen, bij het diagnosticeren van hun leerbehoeften, het formuleren van leerdoelen, het identificeren van menselijke en materiële middelen om te leren, het kiezen en implementeren van geschikte leerstrategieën en het evalueren van leren (Knowles, 1975).

Wie de definitie van zelfsturing bestudeert, merkt dat zelfregulatie daar een onderdeel blijkt te zijn (Simons, 2005). Zelfsturing gaat nog een stap verder. Bovendien was een belangrijke conclusie van Knowles dat lerenden in zelfsturing kunnen groeien.

Veel inbreng van de leerkracht

De grootste misvatting is dat je ‘zelfsturing’ zelfsturend zou moeten leren. De term roept die associatie misschien ook wel op. “Paradoxaal genoeg kun je zelfsturend leren dus niet zelfsturend leren – het wordt je aangeleerd. Eerst bouw je een steiger om de leerlingen heen door expliciet uitleg te geven over zelfsturend leren, door het proces voor te doen en voor te leven. Als leerlingen het zelf kunnen breek je die steiger weer af, aldus Patrick Sins.  Zelfsturing als doel vergt juist heel erg veel inbreng van de leerkracht.

  • Er is een belangrijke fase van expliciete instructie, waarin je kennis over leerstrategieën overdraagt.
  • Er is een begeleid inoefenen van de vaardigheden of kennis.
  • En dan een beroep op de leerkracht of medeleerlingen om het helemaal te laten beklijven.

Expliciete instructie

Waar expliciete instructie verschilt van directe instructie, is dat het – behalve kennis – ook die overstijgende strategische kennis benoemt. Het gaat ook om ‘metacognitie’. Hiermee wordt bedoeld dat je als docent stap voor stap doorneemt hoe een taak gepland, gemonitord en geëvalueerd kan worden.  Bij directe instructie zet je je leerstrategieën in, zonder dat je zegt dat het de strategie ‘voorkennis opfrissen’ is. Dat mist een leerling dan heel gemakkelijk, wordt er zich niet bewust van en dan komt het ook niet tot een transfer bij het volgende ding dat hij gaat leren. 

Bij expliciete instructie maak je kinderen bewust van de mentale mechanismes achter leren en motivatie.

Jory Tolkamp, (destijds) onderwijskundige bij lectoraat Vernieuwingsonderwijs

“We wéten van expliciete instructie dat het supereffectief is. En door kinderen expliciet en bij herhaling kennis te laten maken met de manieren waarop je kunt leren, ben je aan het werken aan de idealen en uitgangspunten van veel vernieuwingsstromingen. Het is niet de leerling aan het handje houden, maar het gaat erom de leerstrategieën die jij als volwassen leerkracht bij je draagt naar het kind te brengen. Het werkt tégen de zelfsturing van een kind, als je het níet deelt,” aldus onderzoekster Jory Tolkamp in een interview met Nivoz.

Zelfsturing vanaf de kleuterleeftijd

“Leerlingen maak je zelfsturend door ze aan te leren hoe ze leren én met welke leerstrategieën ze het beste uit zichzelf halen. Door ze vooraf te laten nadenken hoe ze een opdracht aanpakken en of ze genoeg voorkennis hebben. En ze tussendoor en achteraf te laten analyseren wat gelukt is, waar ze vastlopen en bij wie ze hulp inroepen: online, bij klasgenoten of de leraar? Die beslissingen over zijn leerproces neemt de leerling op termijn dan zelf,” definieert Koen Lombaerts, hoogleraar educatiewetenschappen aan de VUB.

“Dat lukt natuurlijk niet meteen. Maar wachten tot een leerling 10 jaar is, zoals leerpsychologen en neurowetenschappers lang voorschreven, valt af te raden. Zij gingen ervan uit dat jonge kinderen een naïeve, eenzijdige kijk hebben op hun leerprestaties en hun eigen acties niet nauwkeurig kunnen beschrijven. Je begeleidt ze door op cruciale momenten de juiste ondersteuning te geven, op alle leeftijden. Door je eigen denkprocessen luidop te voeren. Door te vragen wat ze denken te moeten doen om een opdracht succesvol af te ronden en te feedbacken op de strategieën die ze inzetten. Door bij een evaluatie stapjes in een redenering terug te zetten.”

Onderzoek naar het aanleren van zelfsturing:

Een team onder leiding van Jeroen van Merriënboer (Maastricht Universiteit) deed nader onderzoek naar het ondersteunen van zelfsturing (ook wel: zelfregulatie). Van Merriënboer wilde vooral weten of je technieken die effectief zijn bij het aanleren van kennis ook kunt inzetten om zelfsturingsvaardigheden aan te leren. Dat zijn bijvoorbeeld vaardigheden van leerlingen of studenten om hun leerproces te beoordelen of om te bepalen wat hun volgende studie-activiteit zal zijn. Enekele belangrijke bevindingen waren:

  • Het maakt weinig verschil welke techniek wordt gebruikt om zelfsturing te onderwijzen; modelvoorbeelden, checklists of tutor-ondersteuning werken even goed.
  • Zelfsturingsvaardigheden die zijn aangeleerd in het ene vakgebied lijken niet of nauwelijks over te dragen naar een ander vakgebied; transfer komt dus niet zomaar tot stand.
  • Een combinatie van instructie vooraf en het geven van aanwijzingen om zelfsturing te verbeteren leidt tot betere leerresultaten dan instructie of aanwijzingen alleen.

Aanbevelingen om zelfsturing toe te passen in de praktijk

  • Leraren kunnen hun leerlingen helpen om meer grip te krijgen op hun eigen leerproces.
  • Dit kunnen ze doen door voorbeelden te tonen (videobeelden), online tutorprogramma’s in te zetten, of leerlingen gerichte vragen te laten beantwoorden over hun leerproces.
  • Overdracht (transfer) van de geleerde zelfsturingsvaardigheden naar een ander vakgebied vindt niet zomaar plaatsvindt;
  • Wel bleek in het onderzoek dat leerlingen beter taken kunnen selecteren voor andere leerlingen dan voor zichzelf.
  • Leerlingen zijn geneigd om zichzelf te overschatten en te kiezen voor te moeilijke leertaken. Dit doen ze ook als ze bij een vorige leertaak fouten hebben gemaakt.

Langetermijneffecten op welbevinden

“Het bijzondere van onze studie zijn de langetermijneffecten die deze korte trainingseenheid kan hebben. Deze effecten komen het kind ten goede en worden in de loop van het leven van het kind op vele manieren overgedragen op de samenleving als geheel,” zegt eerste auteur Daniel Schunk, hoogleraar openbare en gedragseconomie aan de Johannes Gutenberg Universiteit Mainz. “Het feit dat vroege investeringen in dergelijke fundamentele vaardigheden (zelfregulerend leren – red.) niet alleen het kind, maar ook de samenleving ten goede komen, zou meer aandacht moeten krijgen in het onderwijsbeleid.”


Bronnen:

Toolkit Metacognitieve Vaardigheden

Door je leerlingen metacognitieve vaardigheden aan te leren, werken ze zelfstandiger en beter. Leerlingen met goede metacognitieve vaardigheden staan zelf aan het roer van hun leerproces. Ze kunnen beter organiseren, sturen en controleren. De Toolkit Metacognitieve Vaardigheden van de Leidse Aanpak voor Talentontwikkelingbiedt je een stappenplan en praktijkvoorbeelden voor rekenen, taal en wereldoriëntatie. Hij is vooral bedoeld voor de bovenbouw van het primair onderwijs, maar het stappenplan kan ook goed ingezet worden in de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Onderwijskennis heeft ook een Toolkit Metacognitie en zelfregulatie. Zie rechter klik button.

Op donderdag 23 februari houden Dominique Sluijsmans, Patrick Sins en Jacqueline van Kruiningen hun openbare lessen, tijdens de studiemiddag ‘Samen werken aan Onderwijskwaliteit’. Je kunt je hier aanmelden om deze middag bij te wonen..

Tags: , , ,
Je moet inloggen om een reactie te kunnen plaatsen.

Ook Interessante Artikelen

Bezoeker!

Community Leden

Alle Leden >>>

Whitepaper arbeidsmarkt

Whitepaper onderwijs arbeidsmarkt

Whitepaper digitale toepassing didactiek

didactiek download

Whitepaper Werkstress de baas

HR download onderwijs

Whitepaper Hybride leeromgeving

Leeromgeving download

Whitepaper maatschappij

Maatschappij onderwijs download

Whitepaper onderwijsontwikkeling

onderwijsontwikkeling download

Whitepaper effectief afstandsonderwijs

Onderwijs organiseren download

Whitepaper professionalisering

onderwijs professionalisering download

ICT-gebruik in het onderwijs

Onderwijs Technologie download

Registreer je als lid

Artikelen & Blogs

Apps & Tools

🙁

WORD LID

Met Onderwijscommunity maken we het werkveld iedere dag een stukje beter en mooier. Meld je gratis aan als lid, maak verbinding, haal én breng kennis, maak je eigen ledenprofiel, connect met andere leden en meer.

PUBLICEER

Heb je een uniek en interessant artikel geschreven en denk je dat deze interessant kan zijn voor de leden van Onderwijscommunity? Stuur deze dan in via het formulier en wij gaan er mee aan de slag.

ADVERTENTIE

In de spotlight

Vacature

Schooldirecteur | Margrietschool

Boek

Burgerschap is zorgen voor jezelf, zorgen voor elkaar en voor de aarde waar we op wonen.

DOEboek Burgerschap: 100 acties om de wereld mooier te maken

Kalender

Bouwen maar HJK banner Landelijk congres Jonge Kind-600x275a
landelijk congres bouwen maar banners-600x627a

Landelijk congres Jonge Kind 2024: Bouwen maar!

App

Picoo stimuleert actief samen spelen onder kinderen met de eerste interactieve spelcomputer voor buiten. Zonder scherm! Zo combineert Piccoo het avontuurlijke van buitenspelen met het interactieve van gamen. Eindeloos speelplezier dus! 
gamification onderwijs

Picoo – gameconsole voor buitenspelen